
Ik vraag
luister toch naar wat ik niet zeg.
Laat mijn gezicht je niet misleiden
Want ik heb duizenden maskers,
En geen van allen ben ik.
Laat ze je niet misleiden
In vredesnaam, laat je niet misleiden.
Misschien geef ik de indruk, dat ik zelfverzekerd ben
en dat zelfvertrouwen mijn naam is
en ik niemand nodig heb
Maar geloof me niet.
Want daarachter schuilt de ware ik
verward, angstig, alleen.
Daarom ook houd ik dat masker voor mijn gezicht
om mezelf te beschermen tegen blikken die weten.
maar juist zo`n blik is mijn bevrijding.
Als hij goedkeuring draagt, liefde.
Alleen zo`n blik kan door de muren breken
die ik opgericht heb om me te omringen
Ik ben bang dat ik diep van binnen iets ben
niet goed ben, niet aardig
en jij dat ziet en mij afwijst.
En dus begint de “ parade van maskers”
Ik praat heel gedreven met je
vertel je alles-wat eigenlijk niets is
niets van wat alles voor me betekent
wat binnenin me schreeuwt.
Ik vraag je
luister toch heel goed en probeer te horen
wat ik niet zeg.
Ik zou oprecht en open willen zijn
en mezelf willen zijn
maar je moet me helpen
je moet me je hand geven
want telkens als je zo aardig bent
en lief en bemoedigend
telkens als je probeert me te begrijpen
omdat je echt om me geeft
krijgt mijn hart vleugels
heel tere vleugels
maar toch – steeds sterker
en durf ik te vliegen te vertrouwen
Alleen jouw liefde en jou begrip
kunnen me bevrijden van mijn onzekerheid
mijn eenzame gevangenschap
Het zal niet makkelijk voor je zijn
want hoe dichter je bij mij komt
hoe wanhopiger ik van me af sla
Maar toch heb ik gehoord dat liefde
sterker is dan de sterkste muren
en daarop vestig ik mijn hoop
Ik vraag je
probeer door deze muren heen te breken
met sterke handen
met tedere handen
want het kind in mij is heel kwetsbaar
Je vraagt je af wie ik ben?
je kent me wel
ik ben iedereen die je tegenkomt
ik ben iedereen die jou tegenkomt
en ik ben ook in jou